Het is niet wat het lijkt

De purser van het Transavia vliegtuig roept om dat de daling inmiddels is ingezet en verzoekt de reizigers de handbagage op te ruimen, de stoel recht op te zetten en de gordel om te doen. De daling doet mijn oren knappen door het verschil in luchtdruk. Ik ben blij dat we er bijna zijn. Mijn nieuwsgierigheid wint het van mijn angst. Ik weet dat het eiland klein is en de landingsbaan kort. Het woord eiland is misschien zelfs wel te groot voor iets dat een deel van een vulkaan is, ergens  in de Middellandse zee. Voordat je het weet, schuif je met je medepassagiers de zee in.

Het is eind september en eindelijk hebben Joost en ik tijd om op vakantie te gaan. Acht dagen op een vulkaan. Drie kleine dorpjes liggen geplakt op de helft van een kraterrand. De andere helft is verdwenen in de zee. In het midden is de vulkaankrater gevuld met zwart lava, een geur van zwavel en overal kleine rookpluimpjes. Dit is het beeld dat ik voor ogen heb na het lezen van de informatie over het eiland.

De piloot laat het vliegtuig zachtjes landen op de grond. Een aantal passagiers zucht van opluchting. Zij zijn hier misschien al eerder geweest en kennen de korte landingsbaan. Ik verlang ernaar om uit te stappen en dan eindelijk is het zover. Ik voel de warmte van de zon, die hoog aan de hemel straalt en ik geniet nu al van de dagen die komen.

We hebben een korte busreis naar het hotel en checken in bij een charmante receptionist. Hij glimlacht breed en geeft ons de sleutel van de kamer. Hij vraagt ons in het Engels of wij bezwaren hebben met een ‘more exclusive room’. Dat hebben we niet en tot onze verrassing krijgen we een zeer mooie kamer, met een eigen terras en een jacuzzi, die al voor ons aan staat. De damp van het water kringelt omhoog en roept ons om plaats te nemen in het bad. Eerst uitpakken en het dorp verkennen op zoek naar wat eten.

We lopen over een steile weg naar beneden naar het dorp. Onderweg passeren we witte huisjes, die schitteren in de zon. We naderen het centrum van het dorpje en tot onze verbazing ligt midden in het dorp een braakliggend stukje grond. Op het stukje grond staat onkruid. Verdorde takken steken zielig uit de grond. De aarde is grijs en in de grond hebben zich diepe groeven gevormd. Een gevolg van gebrek aan water en de verzengende hitte van de zomer die bijna voorbij is. Hier groeit niets concludeer ik. Zelfs geen druivenrank. Samen met Joost filosoferen we over wat we kunnen doen met dit stukje grond. Joost vindt dat er een hotel moet komen. Ik voel meer voor een bed & breakfast. De locatie is perfect, midden in het dorp. Al dromend over ons nieuwe project komen we bij een restaurant aan en genieten van een heerlijke Griekse lunch en drinken hierbij de lokale wijn van het eiland.

Het restaurant bevalt ons zo goed dat we er regelmatig eten. De weg omhoog terug naar het hotel is soms uitdagend na het gebruiken van de lunch en de heerlijke lokale wijn. Elke keer dat we naar het restaurant lopen, komen we langs het braakliggende land. Ik ben verbaasd dat dit stuk land onbebouwd is. Hier kan grof geld verdiend worden, mijmer ik.

Een paar dagen later bezoeken Joost en ik een wijnproeverij van lokale wijnen op het eiland. We hebben voor twee dagen een auto gehuurd en zijn van de ene kant naar de andere kant van de kraterrand gereden. Onderweg heb ik geen enkele wijnrank gezien. Ik ben in Frankrijk, Duitsland en Spanje geweest en ik weet hoe een druivenstruik eruit ziet. Zelfs in een tuincentrum herken ik de druivenstruik.  Ik ben erg nieuwsgierig waar de wijn dan vandaan komt.

De eigenaar van de wijnproeverij biedt ons verschillende lokale wijnen aan. Eén wijn springt eruit. De man is enthousiast over deze wijn en vertelt vol trots dat deze wijn een unieke smaak heeft. Jaarlijks exporteert het eiland slechts 6.000 flessen van deze goden wijn. De wijn geniet een wereldbekendheid en is een tikkeltje aan de dure kant. Nog steeds begrijp ik er niets van. Waar zijn de druivenstruiken.

De eigenaar legt uit wat er zo speciaal is aan deze wijn. De grond van dit eiland bevat lava, ijzer en as en geeft de wijn haar typische geur en smaak. De Assyrtiko wijnstokken zijn in een emmervorm geleid en beschermen op deze manier de druiven tegen de felle zon en de zoute zeewind. De wijnstokken zijn ca. 300 jaar oud en al ver voor Christus geplant op het eiland, geheel vrij gebleven van druifluis of wat dan ook.

Dan heel langzaam begint het kwartje bij mij te vallen. Ik stoot Joost aan. Joost, dat braakliggend stukje grond waar dat onkruid op staat. Ik schiet in de lach. Dit onkruid is het meest kostbare op het hele eiland en zijn de beroemde Assyrtiko wijnstokken waaraan de druiven groeien die de basis vormen van de meest speciale wijn van Griekenland, Assyrtiko wijn uit Santorini.

Hester Hoornstra

 

Share on FacebookTweet about this on TwitterShare on LinkedInEmail this to someone